Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label boeken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boeken. Alle posts tonen

zondag 18 januari 2015

Een schat aan liefde in je relatie

Ik heb een heel mooi boek gelezen. Over de liefde. En het is geen roman.

Mijn zusje gaf het aan mij met de woorden: “als deze dame net zo schrijft als ze spreekt, dan is dit wel wat voor jou.” Ze was naar de lezing in Utrecht geweest. Inmiddels denk ik dat Marthe van der Noorda inderdaad net zo schrijft als ze spreekt, want het leest heel lekker weg. Op de achterflap staat dat ze schrijft “over de schoonheid en mystiek van de liefdesrelatie, over hoezeer de liefde je leven glans kan geven en doen schitteren.” Ze put daarvoor uit haar eigen relatie die al meer dan 25 jaar duurt, uit de gesprekken met haar cliënten en uit de interviews die ze heeft gehad met een aantal stellen.

Met aanstekelijk enthousiasme neemt ze je mee in wat zij noemt de drie pijlers van een goede liefdesrelatie:
  • 1.       De vonk
  • 2.       De leerweg
  • 3.       Het mysterie

Over elk van deze elementen gaat een deel van het boek. De vonk gaat erover dat de essentie van jouw relatie met deze persoon terug te vinden is in de eerste ontmoeting. De leerweg bezingt de mogelijkheden voor groei en ontwikkeling die in iedere liefdesrelatie besloten zitten, mits je bereid bent het aan te gaan met jezelf. En deel drie gaat over het ongrijpbare, over ons vermogen ons over te geven aan de ander en de schoonheid en verdieping die daarin besloten ligt. Verfrissend vind ik dat het boek niet inzoomt op problemen en obstakels, maar dat ze werkelijk de schoonheid en de kracht van liefde in een mensenleven verwoordt. En dat doet ze in woord en beeld. De citaten uit de interviews komen soms terug op prachtige zwart-wit foto’s die zijn gemaakt door Erna Kuik. In het hele boek zijn die citaten te vinden die steeds iets verwoorden van wat de liefde voor die betreffende persoon betekent of mogelijk maakt. Prachtige zinnen van mannen en vrouwen over hun zoektocht, over de schoonheid, over de kracht en vooral over het geschenk dat deze ene relatie in hun leven betekent.

"Vanaf het eerste moment met haar dacht ik, ik moet bij jou zijn"

Voor mij is dit boek een aanreiking om terug te blikken op mijn eigen relatie die 4,5 jaar geleden eindigde met de dood van Wim. Maar ook een uitnodiging. Ik krijg er weer goede zin van. En dat is ook wat waard. Ik denk werkelijk dat heel veel mensen om mij heen dit boek zouden willen lezen. Omdat het uitnodigt om oog te hebben voor de schittering die de liefde in je leven brengt. Om daar moeite voor te doen. Steeds maar weer. Niet vanwege de moraal, maar omdat het het waard is.

Dus koop dat boek, of geef het aan je geliefde. Ik denk niet dat je er spijt van krijgt.


maandag 14 juli 2014

Puberteit - de smalle weg naar innerlijke vrijheid


Waar ik vroeger altijd wel een innerlijke zekerheid vond rondom het opvoeden van mijn kinderen, vind ik het nu - als alleenstaande ouder met kinderen in de leeftijd tussen de veertien en de zeventien - soms knap lastig om mijn weg te zoeken. En daarin ben ik de enige niet; laatst ontmoette ik op een feestje verschillende ouders van puberkinderen en iedereen had wel op de een of andere manier 'gedoe' en onzekerheden over 'hoe om te gaan met'. Dus lees ik nu voor het eerst van mijn leven opvoedboeken (ik vond een hele plank in de bibliotheek) en dat is helemaal zo gek nog niet. Ik heb immers geen andere referentie dan hoe ik zelf ben opgevoed en mijn gezonde verstand. En die boeken zetten me wel aan het denken over hoe ik het doe en heb gedaan.

Onlangs kreeg ik van iemand de tip om het boek Puberteit van Jeanne Meijs te lezen. Ik had nog nooit van deze schrijfster gehoord. Jammer, want het is een prachtig boek en wat mij betreft een aanrader voor ouders van puberkinderen. Het gedachtengoed van Jeanne Meijs is geworteld in de antroposofie, maar het is zo helder, duidelijk en liefdevol geschreven, zonder oordelen en dogma's dat het wat mij betreft voor ouders van alle gezindten een prettig boek is. Ik heb menigmaal een traantje weggepinkt, ook omdat haar verhalen raken aan de weg die ik zelf gegaan ben op zoek naar volwassenheid.

De laatste maanden denk ik vaak aan deze periode als 'een tunnel waar we samen doorheen moeten'. Jeanne Meijs spreekt van een sluis, een prachtige metafoor die verbeeldt hoe de puberteit een periode van loslaten kent (door de sluisdeur), een periode van voorbereiden op de nieuwe toekomst (in de sluis) en een periode van 'uitvaren' (weer door de sluisdeur, het eigen leven tegemoet). Met veel liefde en compassie beschrijft ze de uitdagingen voor ouders en kinderen, de soms noodzakelijke 'dwalingen' ) en wat we kunnen doen voor onze kinderen en onszelf om hen 'het smalle pad naar innerlijke vrijheid' te laten gaan. Geen valse sentimenten in dit boek over hoe het vroeger beter was, dat werkende ouders slecht zijn voor kinderen of dat het digitale tijdperk de bron is van alle ellende. Integendeel, Jeanne Meijs neemt de huidige maatschappij als uitgangspunt om vervolgens te bespreken hoe we gegeven die situatie onze kinderen kunnen faciliteren in deze fase van hun leven.

Wat ik fijn vind is dat de schrijfster heel helder is over de zaken die je richting je kinderen kunt doen en bespreken, maar ook over datgene waar je zelf mee te dealen hebt. Het riep bij mij de herinnering op hoe ik hoorde op de 25-jarige bruiloft van mijn ouders dat ze 's avonds in bed zo gehuild hadden toen ik -hun oudste- op kamers ging. Pas toen besefte ik hoe moeilijk dat voor hen moest zijn geweest. Ik die voorlopig nog vanuit huis zou studeren, maar die plots bedacht dat ik op kamers wilde. Ze hadden me gesteund en met me gezorgd dat ik op een goede plek kon beginnen met mijn zelfstandig leven. Van hun moeite en verdriet wist ik niets. Voor mij hadden ze vrolijk op de kade gestaan, zwaaiend toen ik door die tweede sluisdeur ging. Een grootse daad voor mijn smalle pad...waar ik nu nog in liefde en dankbaarheid op terug kan kijken.

dinsdag 8 april 2014

Een beetje chaos

Onlangs kocht ik een vrolijk boekje, waar ik hier graag iets over wil vertellen. Het was voor het eerst in jaren dat ik weer eens in de Atheneum boekhandel aan het Spui in Amsterdam was. Wat een feest; allemaal onverwachte en originele boeken waar je zin in krijgt. Ik kon het niet nalaten om er een mee te nemen. Het heet: "Een goede manager zaait verwarring. Waarom elk bedrijf beter wordt van een beetje chaos". Nu vind ik persoonlijk dat die titel niet helemaal de lading dekt, dus zocht ik naar het origineel. Die past beter: "The Chaos Imperative; How Change and Disruption Increase Innovation, Effectiveness and Succes". Het boek is geschreven door Ori Brafman en Judah Pollack.


Het verhaal gaat er vooral om dat je problemen niet oplost door alleen maar hard (en nog harder) te werken. Dat je 'witruimte'  - ik noem dat lege tijd - nodig hebt, om te leren, om te verwerken, om oplossingen te zien en invallen te krijgen. De voorbeelden zijn velerlei; van kinderen die beter presteren als hun volle werkdagen ook lange pauzes bieden tot legerofficieren die heftige gebeurtenissen verwerken in open kringgesprekken met collega's. Zelf merk ik vaak in trainingen hoe cruciaal het is dat we de pauzes niet inkorten. Soms heb ik die neiging, maar het levert zelden een beter resultaat op. Gewoon een half uur het strand op is effectiever dan samen hard doorwerken (zie ook mijn eerdere blog over inwaaien). Nu zit de crux niet alléén in de pauzes, maar juist in de afwisseling tussen hard werken en de 'lege tijd'. Noem het verwerkingstijd.

Het tweede punt in dit betoog is het zorgen dat er 'unusual suspects' komen in je team. Iemand die anders denkt, anders kijkt, andere kennis en ervaring meebrengt dan de rest van het team. Juist de blik of gedachten van de ander helpen je om buiten je patronen te denken of tot andere oplossingen te komen. Nu zijn we onlangs in één van onze trainingen begonnen de deelnemers bij elkaar op bedrijfsbezoek te laten gaan. Met een persoonlijke leervraag nemen deelnemers een middagje een kijkje in de organisatie van een mede-deelnemer. Samen maken ze een passend programma en ze zorgen voor reflectietijd waarin ze samen  'oogsten' wat het bezoek heeft opgeleverd. Wat me opvalt bij de terugkoppeling van deze bezoeken is dat de deelnemers niet alleen input krijgen voor hun eigen leervraag, maar dat daarnaast de ontvangende partij steeds zo dankbaar is voor de vragen en feedback van de bezoeker. Diens observaties blijken uitermate waardevol voor de vraagstukken die in de organisatie spelen. Een mooi voorbeeld van een unusual suspect en de impact daarvan. 

Het derde punt dat Brafman en Pollack aankaarten is het organiseren van toevallige ontmoetingen. Dit werken ze niet heel erg uit, maar het komt erop neer dat ontmoetingen met mensen die je anders nooit ontmoet, bevorderend zijn voor je creativiteit en je oplossend vermogen. Dat organiseer je volgens hen niet door mensen helemaal hun eigen plek te ontzeggen, zoals in de moderne flexruimtes. Wel door de schotten weg te halen, waardoor medewerkers meer contactmomenten hebben met mensen die ze anders niet zouden ontmoeten. 

Fijn aan dit boekje is dat het zo lekker wegleest. De voorbeelden zijn leuk en smakelijk en gaan over herkenbare mensen, zoals het verhaal van Einsteins succes. Het past in deze tijd waarin we wel doorkrijgen dat nog harder werken, meer regelen, structureren en controleren en het uitbannen van ruis en verstoringen ons niet effectiever en productiever gaat maken. Dit boekje zet je op zijn minst aan het denken over de mogelijkheden om het anders te doen, zonder meteen álle controle los te laten. Daar wordt werken effectiever, creatiever én leuker van!






zondag 13 oktober 2013

Hoe creativiteit werkt

Jonah Lehrer
Allemaal leuke boekjes liggen er naast mijn bed. En ze zijn allemaal via dierbaren tot me gekomen, dat maakt het extra plezierig. Deze week las ik het boekje "Imagine, hoe creativiteit werkt", geschreven door Jonah Lehrer. Ik kocht het bij Creatiefdenkenonline.nl, de webwinkel van mijn vriend Gijs. Voor mij is zo'n boekwinkel een omgeving waar ik hebberig van wordt. Mijn eerste bestelling bestond dan ook meteen uit drie boeken, en daar heb ik vooralsnog geen spijt van.

Het is zo'n leuk boek. In ieder hoofdstuk dient een verhaal uit de praktijk om iets te illustreren van de verschillende aspecten van creativiteit. Zo las ik over het ontstaan van de Swiffer, de ontwikkeling van plakband en post-its. En ook het hilarische verhaal over hoe een moeder in Zwitserland het prototype voor de Barbie vond. Over hoe de productie van creatieve ideeën samenhangt met de grootte van de stad; in een grotere stad komen meer ideeën tot stand, maar in een groter bedrijf weer minder. Over de kracht van ontmoetingen met buitenstaanders en het plagiaat van Shakespeare.  Prachtige verhalen die laten zien dat creativiteit een kwestie is van een voedende omgeving, hard werken, afwijkende dingen doen, contact met anderen en boven alles uitwisseling van ideeën. Dit boek laat zien dat regels, protocollen en concurrentiebedingen bij uitstek geschikt zijn om creativiteit - en daarmee innovatie en vernieuwing - om zeep te helpen. En dat dagdromen, afleiding en feedback werkt.

Het is een gedegen boek, goed onderbouwd met wetenschappelijk onderzoek en tegelijkertijd vlot en aantrekkelijk geschreven. Het inspireert. Ik merk dat ik de neiging heb om meer met anderen in gesprek te gaan, na het lezen van dit boek. Nu snap ik ook waarom het nummer 1 op de bestsellerlijst van de New York Times staat. Je wordt vrolijk van zo'n boekje.

Als het onderwerp je interesseert zou ik het zeker lezen. Met de komende feestmaanden in aantocht kan ie bovenaan je verlanglijstje. Ook leuk om weg te geven.

dinsdag 16 april 2013

De berg van de ziel

Ik weet nog goed hoe ik kort na de dood van Wim, mijn man, voelde dat ik mijn verdriet niet ineens zou kunnen toelaten. Daarvoor was het te groot. Ik zat op onze camping in Istrië bij de zee en had het gevoel dat ik erin zou verdrinken als ik me eraan zou overgeven. Ergens besefte ik me dat ik het zou moeten doseren, ik had twee opgroeiende kinderen en alleen al voor hen wilde ik staande blijven. En uiteindelijk is het ook zo gegaan. Niet zo helder en bewust als ik het me op dat moment realiseerde, zo gaat het in het echte leven niet, maar ik heb gezorgd dat ons leven door zou gaan.

Overleven. Niet alleen maar negatief, ik heb het ervaren als een enorme kracht, die zorgt dat je doorgaat en doet wat nodig is om een nieuw leven te bouwen en weer een balans te vinden in jezelf en met elkaar.

Het verdriet reisde met me mee in de onderstroom. Soms wat meer, in andere perioden was er minder ruimte. Ook dat gaat bijna als vanzelf, althans zo heb ik het ervaren. Er zijn momenten geweest dat ik dacht dat het wel klaar was, maar dat bleek nooit het geval. En inmiddels, bijna drie jaar later, denk ik dat het  misschien wel nooit klaar is. Dat het altijd met me meegaat dat verdriet. Dat de heimwee deel is van wie ik ben.

Nu, na een periode van hard werken diende het zich weer aan als een stil verlangen naar tijd en ruimte voor mezelf. Ik weet dan dat het over rouwen gaat, zonder dat ik daar op zo'n moment goed raad mee weet. Want hoe doe je dat dan? Het gaat eerder over ruimte maken en toelaten, dan over iets doen. In het NRC las ik een interview met Ada de Jong die samen met Christa Anbeek een boek heeft geschreven over kwetsbaar leven. Ik heb het meteen gekocht.

Het is - zoals zij het zelf zo mooi noemen - een persoonlijk essay. Ada verloor in één klap haar hele gezin bij een ongeluk in de bergen, Christa had al eerder haar ouders, haar broer en later haar man verloren. Ze gebruiken een aantal 'oervragen' uit de christelijke dogmatiek als structuur. Zo vormen overwegingen, gedachten en geschriften uit het humanisme, christendom en boeddhisme een bedding voor hun persoonlijk zoektocht. Een verhaal dat mij raakt in mijn ervaring over de zoektocht die volgde op de dood van Wim. Een innerlijk proces om me te verhouden tot mezelf in een leven waar hij geen deel meer van is. Niet in het hier en nu. In gedachten en herinneringen is hij er altijd nog, hoewel de ruimte die dat inneemt minder wordt en daar ben ik zowel blij als verdrietig om.

Ada zegt in het boek dat ze met haar gezin ook zichzelf begraven heeft. De Ada die ze was voordat zij stierven die bestaat niet meer. Zo herinner ik me dat ik in het eerste halfjaar na Wim's dood steeds wakker werd met de gedachte 'wie ben ik?'. Niet dat ik daar overdag veel mee bezig was, een groot deel van mij was ik nog wel; Cornalien, moeder van Daan & Jeroen, (schoon)dochter, zus, vriendin. Ik vond houvast in mijn werk en bedding in de mensen om me heen. Maar ook van mij is een stuk verloren gegaan. Dat veilige, geborgene van deel uitmaken van ons complete gezin, mijn man die onvoorwaardelijk van me hield, bij wie ik thuiskwam en thuis was. Precies dat stuk. Laatst had ik met een stel collega's een gesprek over de meest ingrijpende verandering in je leven. Eén van hen noemde zijn echtscheiding. Ook hij was daarin dit stuk van zichzelf kwijtgeraakt. "Het zou daarna nooit meer zijn zoals het was", zei hij. Het raakte me, omdat ik meteen wist waar hij op doelde.

Ik kan het iedereen die met verlies te maken heeft aanraden, dit boek. Lang heb ik geen heel boek kunnen lezen, daar had ik de focus nog niet voor. Nu wel. Het heeft me goed gedaan. Juist door de ervaringen afgewisseld met stukjes theorie was er steeds iets dat raakte aan mijn eigen proces, aan dat wat meekomt in de onderstroom. Geen hulp, antwoorden of oplossingen, maar een stille zelfreflectie van twee heel verschillende vrouwen die als geen ander weten hoe kwetsbaar je kunt zijn.

De berg van de ziel. Persoonlijk essay over kwetsbaar leven. (2013)
Christa Anbeek & Ada de Jong